Studiegroepen

Als agrarische ondernemers zijn naast het rendement van het bedrijf steeds meer factoren van belang om als ondernemer het bedrijf verder te kunnen ontwikkelen. Over vele factoren zijn, middels Agroconvenanten, door de sector zelf, door afnemers, leveranciers, belangenorganisaties, NGO’s en overige stakeholders afspraken gemaakt met doelstellingen. Deze doelstellingen zijn uitdagingen waar wij als agrarische sector, in meer of mindere mate, mee te maken krijgen.

Wij zoeken als Gagelvenne over zoveel mogelijk van deze factoren kennis en ervaring om deze met u als lid te kunnen delen en daar waar mogelijk te implementeren in de dagelijkse bedrijfsvoering. De aanpak om deze kennis te delen en om te zetten in de praktijk, vindt plaats via bijeenkomsten en studiegroepen.

Studiegroepen die we aanbieden zijn:

·         Kringloop-wijzer

·         Een gezonde bodem

·         Energie besparen op uw eigen bedrijf

·         Koe-kompas
 

Kringloop-wijzer

De kringloopwijzer geeft inzicht in de efficiëntie op uw bedrijf, rondom uw koeien, het (ruw)voer, de bodem en de mest. Met dit managementinstrument krijgt u inzicht in kansen voor verdere optimalisatie van uw bedrijfsvoering. Studenten van Van Hall Larenstein vullen, na uw bedrijf te hebben bezocht en de benodigde gegevens te hebben geïnventariseerd, voor u de kringloopwijzer in. Vervolgens brengen zij in beeld hoe uw resultaten zijn over de diverse processen binnen uw bedrijf. Deze worden daarbij vergeleken met andere deelnemers in de groep en er volgt een overzicht met aandachtspunten voor uw bedrijf.

Rendement uit eigen bodem

Grond is één van de duurste productiemiddelen. Gewassen groeien optimaal wanneer de bodem in goede conditie is. Maar hoe kom je erachter of de bodem werkelijk in goede conditie is? En wat zijn mogelijkheden om de bodemvruchtbaarheid en -gezondheid te verbeteren en te behouden, zodat er een optimale gewasgroei plaats vindt?

Studiegroep ‘Rendement uit eigen bodem’ gaat in op het belang van een kwalitatief goede bodem, het verkrijgen van een duurzame bodem en praktijkonderzoek over een goede bodem. Elke deelnemer stelt voor het eigen bedrijf een actieplan op om tot de gewenste bodemverbetering te komen. Aan de hand van dit plan bepaalt u als deelnemer of u de komende jaren uw doelstelling realiseert.

De begeleiding vind plaats door Coen ter Berg, bodemdeskundige met veel kennis en ervaring over duurzaam bodembeheer. Het aantal deelnemers voor een studiegroep is 5-7 en zal minimaal 2 jaar duren. De bijeenkomsten worden gestart met een algemene theorie dag over structuur, bodemleven, beworteling, waterhuishouding, verdichting en bodemanalyse. Tijdens deze eerste dag zal ook praktische bodemkunde, op één van de deelnemende bedrijven, worden bijgebracht.

Vervolgens zullen meerdere dagdelen volgen waarbij per bedrijf van meerdere percelen de bodemgesteldheid van in kaart wordt gebracht. Hierbij wordt gebruik gemaakt van visuele beoordelingen en bodemanalyses. Ook wordt besproken welke stappen gezet kunnen of moeten worden om tot verbetering te komen. Het bedrijf van iedere deelnemers wordt “uitgespit”  zodat elke onderneming per perceel een actieplan kan opstellen.

Deze actieplannen en de conclusies van de bijenkomsten en het gebied staan centraal op de afsluitende bijeenkomst. Hierbij wordt iedere ondernemer zijn / haar eigen (strategisch) verbeterplan gepresenteerd en wordt in beeld gebracht waar de komende jaren aan gewerkt kan/moet worden. De resultaten van de voortgang worden de jaren erna als groep zijnde gemonitord middels één of meerdere jaarlijkse bijeenkomsten.

Cursus: Mijn bodem de basis

Energie besparen op uw eigen bedrijf

Op veel bedrijven vertoont het energieverbruik een stijgende tendens door bijvoorbeeld automatische melksystemen, aangepaste stalverlichting, eigen waterbronnen en de toenemende automatisering.
Het kabinet zet in op een reductie van de broeikasgassen. Energiebesparing is daarbij de eerste stap om de uitstoot van het broeikasgas CO2 terug te dringen. In de nieuwste visie van LTO wordt ingezet op 20% energiebesparing in 2020.  De Nederlandse zuivelsector heeft met de landelijke overheid afgesproken de hoeveelheid broeikasgassen tussen 1990 en 2020 met 30% te verlagen. Groei van de productie dient klimaatneutraal plaats te vinden.

De energieprijzen zijn de afgelopen jaren sterk gestegen. De kredietcrisis heeft voor een dipje gezorgd. De vraag naar energie neemt wereldwijd toe. Het aanbod van fossiele brandstoffen neemt af. Verwacht wordt dat de energieprijzen blijven stijgen. Er zijn nu al grote verschillen in de kosten voor energie tussen melkveebedrijven en deze nemen met de stijgende energieprijzen verder toe. ELAN is daarom in 2011 gestart met het opzetten van studiegroepen energiebesparing. Ruim 30 bedrijven nemen hieraan deel. Gezien het enthousiasme en de resultaten is besloten dit jaar weer met nieuwe groepen  te starten. Provincie Fryslân en de Rabobanken in Zuid-Oost Friesland ondersteunen ook deze groepen financieel.

In de studiegroep wordt het eigen energieverbruik in kaart gebracht, wordt een plan opgesteld om besparingen te realiseren en worden ervaringen rond de te nemen maatregelen uitgewisseld. Het motto van de studiegroep is: Investeer in je eigen bedrijf, niet in het energiebedrijf!